Veronica's Meimaand Filmmaand staat dit jaar in het teken van sci-fi. Maar hoe realistisch zijn deze films nou. Kunnen we na een eventuele gevreesde apocolyps gewoon verkassen naar een andere planeet? En wanneer wisselen we onze spirituele zoektochten op Bali in voor een wandeling op Mars? Astronaut André Kuipers heeft - zoals altijd - het antwoord.

More content below the advertising

Out a space

De mens is goed de pineut in Interstellar (te zien op 8 mei). Het ene na het andere gewas sterft uit, wat zorgt voor een gigantisch voedseltekort. Maar voordat de gehele wereldbevolking z’n biezen pakt, springt Matthew McConaughey in een wormgat (een tunnel ergens in het universum, waarmee je retesnel enorme afstanden kunt afleggen) om te checken of andere planeten bewoonbaar zijn. 

Zo’n wormgat is volgens Kuipers nu nog puur fantasie, maar een doorbraak ligt op de loer. Binnen het Breakthrough Starshot-project bedachten wetenschappers kleine ruimteschepen met grote ruimtezeilen. Door vanaf de aarde met lasers op zo’n zeil te schieten, kan een schip een snelheid van wel 60.000 kilometer per seconde(!) halen. 

Retourtje Mars

Kan dat? Ja, dat kan. Niet zoals in The Martian (te zien op 23 mei), waarin Matt Damon met een team mensen naar de rode planeet reist. Maar met robots. ‘De techniek om mensen te sturen is er wel al. En we kunnen ook weer terug.’ Maar Mars ligt zo’n zeven maanden vliegen van de aarde. Das ietsje langer dan een retourtje naar je yogaretreat op Bali. En of je baas daar blij mee is.. 

Daarbij komt nog kijken dat astronauten al die tijd blootgesteld worden aan schadelijke straling. ‘Op aarde zijn we daartegen beschermd door onze atmosfeer en ons magneetveld. Maar in de ruimte niet, dus daar moeten we wat op bedenken.” In zijn achterhoofd borrelen al wat ideeën, dus zo’n Mars-reis is volgens Kuipers slechts een kwestie van tijd. 

Blue da ba dee

Aliens ga je daar niet tegenkomen, maar dat er elders in het universum levende wezens zijn – net als in Independence Day (te zien op 22 mei) – sluit de astronaut niet uit. ‘Het universum telt namelijk wel 100 miljard sterrenstelsels, elk weer met 200 tot 300 miljard sterren. De kans dat wij de enigen zijn is dus astronomisch klein.’

Er wordt in films dus nogal wat gesjoemeld met natuurkundige feiten. Hoewel Kuipers zich hier wel aan ergert, ziet hij het door de vingers. ‘Filmmakers hebben artistieke vrijheid. Als in het verhaal beter werkt wanneer het net niet helemaal klopt, dan heb ik daar geen moeite mee.’ Het blijft tenslotte sciencefiction.