Video gekeken? Hieronder vind je alle titels nog een keertje terug. Op willekeurige volgorde!

Article continues after the ad

Moonlight

Chiron is donker, homo, hij wordt gepest op school en zijn moeder is een crackhoer: genoeg ingrediënten voor een hartverscheurend coming of age-drama. Toch buit regisseur Barry Jenkins geen van die elementen uit in zijn ontroerende film Moonlight. Het verhaal van de eenzame Chiron die zijn plek in de wereld probeert te vinden, is universeel en is misschien zelfs van toepassing op ieder van ons. Daarom zijn er ook maar weinig woorden nodig om zijn verhaal te vertellen; juist alle emoties die niet worden uitgesproken en getoond, blijven heel lang hangen. 

Wonder Woman

Ze was jarenlang de bekendste superheld die nog geen eigen film had, maar dat is rechtgezet voor de prachtige amazone Wonder Woman. In Batman v Superman had ze al het leukste optreden, maar veel diepte en achtergrond had dat niet. Deze film laat zien waar prinses Diana van Themyscira – want zo heet ze eigenlijk – vandaan komt en hoe ze voor het eerst in contact komt met mensen, als er een piloot uit de Eerste Wereldoorlog neerstort vlak bij het mythische eiland waar ze woont met alle andere stoere strijdvrouwen. Zo begint een schurkenjacht in de grauwe slagvelden van het door oorlog geteisterde Europa, waar de idealistische, gedreven Diana bij afsteekt als een diamant in de drek. Dit wereldvreemde, gepassioneerde personage, uitstekend neergezet door Gal Gadot, gaat als een frisse bries door de superheldengemeenschap en geeft de film – verder gewoon een prima actiespektakel – net dat beetje extra.

A Ghost Story

Ondanks die titel is dit geen griezelfilm, maar een filosofisch getint drama over vergankelijkheid. Dat klinkt dan weer een beetje zwaar op de hand, maar ook dat valt mee. Het is bijna komisch dat een overleden man terugkeert naar huis met een laken over zijn hoofd, als een kind dat voor spook speelt. Niet veel regisseurs zouden Oscarwinnaar Casey Affleck bijna een hele film onherkenbaar laten rondlopen. De film is dan ook een beetje vreemd, maar wel interessant.

Dunkirk

Memento, Inception, Interstellar: de duizelingwekkende films van Christopher Nolan kloppen tot in de allerkleinste details. Al is er altijd wel een pietje precies te vinden die ergens een constructiefout ziet, maar daarom zijn ze zo leuk om ze te analyseren. Dunkirk is anders. Niet omdat de kwaliteit minder is, want het is een van zijn beste films ooit. Wel nieuw voor Nolan is dat het verhaal zo open, helder en toch zo onnavolgbaar opgebouwd is: vanuit drie oogpunten laat hij zien hoe het er aan toe ging bij de evacuatie van honderdduizenden Engelse soldaten, ingesloten door de nazi's op het strand van Duinkerken. Intens, op z'n zachtst gezegd en dat laat Nolan je ervaren. 

It

Typisch voor King: het gaat niet alleen om een groep kinderen die bedreigd worden door 'iets'. Het gaat ook over volwassen worden en de kracht van vriendschap. Vanwege de jarentachtigsetting doet het dan ook denken aan de hitserie Stranger Things. De jonge acteurs zijn heel goed en geloofwaardig, zodat het des te jammer is dat de clown zelf (Bill Skarsgård) wat flets blijft. De pestkoppen van school zijn enger, want een realistischer gevaar, en ze gaan ook harder te keer dan hun voorgangers uit de tv-versie van 1990. De nieuwe film heeft wel veel betere special effects, die effectief worden gebruikt in een aantal griezelscènes.

Get Out

Je kunt veel lezen in de diepere plotlagen van deze creepy thriller. Maar één kwaliteit van Get Out is dat als je dat niet doet, je nog steeds een film overhoudt die de haren in je nek rechtovereind zet. Het begint al ongemakkelijk als Chris (Daniel Kaluuya) de ouders van zijn vriendin ontmoet, maar dat is nog normaal bij zo’n eerste beladen kennismaking. Dat wordt al gauw erger, want de ouwelui en hun vrienden reageren heel eigen­aardig op het feit dat Chris donker is. Trefzeker werkt debuterend regisseur Jordan Peele toe naar de ontknoping, terwijl hij ondertussen het begrip racisme binnenstebuiten keert. 

Coco

Bij Pixar zijn ze dol op verborgen werelden. Dankzij Toy Story weten we wat speelgoed uitvreet als je de kamer uit bent, Inside Out gaf een kijkje in onze ­hersenen en Pixars nieuwste werpt licht op het grootste mysterie van allemaal: waar ga je heen als je dood bent? Of eigenlijk: waar ga je als Mexicáán heen als je dood bent? Coco presenteert het antwoord als een fabuleuze gestapelde stad die wordt bevolkt door geklede skeletten. Hier gaat het nog springlevende ventje Miguel op zoek naar een verre voorvader. Hij ­vermoedt namelijk dat hij familie is van de grootste Mexicaanse muziekheld ooit. De makers grijpen hun kansen met de knekelhumor, maar het hart van de film klopt wel degelijk: Coco is zo’n zeldzame film die zijn gehamer op het belang van familie ook echt waarmaakt met een pakkend en ontroerend verhaal.

Logan

Korte gastoptredens even niet meegeteld is dit de zevende keer dat Hugh Jackman de klauwen van Wolverine opplakt. Maar wat zou nóg een film over deze mutant kunnen toevoegen aan al die andere? Nou, meer dan de laatste vijf bij elkaar, zo blijkt. Het verhaal plant hem neer in het jaar 2024, waar hij werkt als Uber-chauffeur en vooral veel zuipt. Ook houdt hij in Mexico een dementerende Professor X verstopt. De pleuris breekt uit als er een meisje in zijn leven verschijnt: een mutant die door hele nare types opgejaagd wordt. Omdat Logan een stuk bruter mocht worden dan de voorgaande films, krijgen we actie zoals we dat nog nooit met Wolverine gezien hebben. Maar de grootste kracht zit ’m in deze tragische held, die van de schrijvers en de fenomenale Jackman meer nuance krijgt dan welke superheld ook.

Good Time

Ook die paar mensen die nog niet in de gaten hadden dat Robert Pattinson tot veel meer in staat is dan een depri vampier spelen, gaan om na het zien van deze misdaadfilm. Hij speelt een wat simpele, maar vindingrijke crimineel die zijn verstandelijk gehandicapte broer wil vrijkopen uit voorarrest, maar het geld daarvoor niet heeft. Zo begint een nacht waarin de ene bizarre situatie overgaat in de andere. Pattinson weet zowaar sympathie over te brengen voor de kruimeldief. De aankleding en synthe­sizerklanken maken het af.

Mudbound

Het leven op het Amerikaanse platteland in de jaren veertig is hard en dat telt dubbel als je weinig te makken hebt en driedubbel als je ook nog een kleurtje hebt. Dat wordt weer eens duidelijk in dit familiedrama, dat vrij rustig begint, maar steeds broeieriger wordt. Hoewel de film aan de lange kant is, weet hij je toch bij een les te houden, die niet vaak genoeg gedoceerd kan worden. Het is geen wonder dat deze voor Netflix gemaakte film in de VS ook in een aantal bioscopen draaide, want daar past-ie heel goed; de sfeer komt beter over naarmate je een grotere televisie hebt.

Baby Driver

De chauffeur van een vluchtauto is de beste held die je maar kunt kiezen voor een misdaadfilm met een dikke dot actie. Edgar Wright (Hot Fuzz) is heus niet de eerste schrijver en regisseur die tot die conclusie is gekomen, maar hij doet er in elk geval wel iets heel creatiefs mee: hij tankt dit bloedsnelle vehikel vol muziek en zo knalt het met een aanstekelijk ritme vooruit. De wheelman uit de titel (Ansel Elgort) brengt bankrovers in veiligheid omdat hij het brein achter de overvallen (Kevin Spacey) een hoop geld schuldig is. Maar als hij de liefde vindt en wil stoppen, gaat dat natuurlijk niet zomaar.

War for the Planet of the Apes

Dat afstoffen van oude ideeën niet per se creatieve armoede hoeft te zijn, hebben de nieuwe Planet of the Apes-films wel bewezen. Nu al drie keer achter elkaar, want ook de nieuwe is weer een prachtig samenspel van verbeeldingskracht, spektakel en een plot dat je echt wat doet. De strijd tussen mens en superslimme aap bereikt z’n kookpunt. De apen, onder leiding van Caesar (Andy Serkis), moeten op de vlucht voor de troepen van een genadeloze kolonel (Woody Harrelson) die ze in een kamp wil zetten zodat hij ze als slaven kan gebruiken voor een mysterieus project. Zo wordt dit – de titel zegt het al - een echte oorlogsfilm, met alle gruwelen van dien. En omdat de apen zo levensecht zijn gespeeld en digitaal vormgegeven, werkt het. Ook op je emoties. 

It Comes At Night

Er is iets heel naars aan de hand in It Comes at Night. Details krijgen we niet, maar als zieke mensen meteen na hun dood verbrand worden en overlevenden alleen met gasmaskers bij ze in de buurt komen, is er stront aan de knikker. Het gezin van Paul (Joel Edgerton) heeft er in hun afgelegen huis weinig last van. Dat verandert als een man inbreekt. De spanning van een wereld waarin het gedaan is met de beschaving knaagt onderhuids aan de harmonie in het gezin tot de bom gruwelijk barst. Beklemmender zie je ze zelden.

Detroit

Het is geen toeval dat de gebeurtenissen in het Algiers Motel in Detroit in 1967 juist nu als basis dienden voor een film. Je hoeft het nieuws maar te checken en je komt al gauw berichten tegen over soortgelijke gruwelijkheden van de politie in de Verenigde Staten. Veel vooruitgang lijkt er de afgelopen vijftig jaar wat dat betreft niet te zijn geboekt en zo hakt het toch al behoorlijk bijtende Detroit er extra hard in. En dat terwijl regisseur Kathryn Bigelow (Zero Dark Thirty, The Hurt Locker) de zaken juist zo genuanceerd aanpakt. Tijdens grootschalige rassenrellen houdt een aantal agenten een groep voornamelijk zwarte tieners vast. Ze worden ten onrechte beschuldigd van schieten op de politie. Gebrand op een bekentenis gaat het grimmige verhoor van kwaad tot erger.

Paddington

De tweede Paddington is zo’n onschuldige, blije en vrolijke film dat hij zelfs leuk blijft als de beer waar het om draait in de gevangenis belandt. Hij wordt verdacht van diefstal van een boek met aanwijzingen naar een verborgen fortuin, maar natuurlijk is die lieve Paddington onschuldig. De eerste film liet al zien dat Britse humor een prima middel is tegen sentiment, en met die wijsheid in het achterhoofd gaan de makers met nog meer succes te werk.

The Disaster Artist

De slechtste film aller tijden? The Room, van de eigenaardige Tommy Wiseau, is wel een serieuze kanshebber. Hoe deze cultfilm ontstond zie je in The Disaster Artist, met James Franco. De acteur speelt Wiseau, die met The Room de meest emotionele film aller tijden denkt te maken. De knappe Greg (Dave Franco) raakt bevriend met Wiseau, maar hoe beter hij hem leert kennen, hoe ongezonder de verstandhouding wordt. Met het filmen van The Room als diepte/hoogtepunt.

Star Wars: The Last Jedi

Star Wars: The Last Jedi is misschien wel de beste Star Wars film ooit! Alle oude elementen die Star Wars zo geweldig maken, zitten erin. De strijd tussen the Forces gaat onverminderd voort, maar tóch voelt het allemaal nieuw en verrassend. Rey moet op een afgelegen eiland Luke Skywalker overhalen om z’n Jedi-zwaard weer ter hand te nemen, maar Luke heeft redenen om dat écht niet te willen. Het verzet staat er ondertussen belabberd voor, dus Poe en Finn bedenken een gevaarlijk plan. Was The Force Awakens eigenlijk een herhaling van zetten; The Last Jedi is dat zeker niet. De verhaalopbouw is compleet anders, er is veel meer humor in de film gestopt, de action sequences zijn briljant en… We maken kennis met roedels TE schattige, nieuwe diertjes uit het universum. Adam Driver, nu met sexy litteken, steelt de show als getormenteerde superschurk Kylo Ren. Maar er is ook vers bloed: Kelly Marie Tran zet de nieuwe (anti)heldin Rose Tico meteen op de sterrenkaart. Gaat dat ONMIDDELLIJK zien.