Sinds zondag 16 december kunnen we thuis op de bank meegenieten van Bruce Springsteen’s intieme theatershow die hij het afgelopen jaar in het Walter Kerr Theater in New York heeft opgevoerd. Voor Netflix is deze concertregistratie een nieuw experiment, wat we om meerdere redenen toejuichen.

1) We hadden het geld niet om er voor naar New York te gaan

Ook al gingen er in het begin nog geruchten dat Bruce overwoog met zijn theatershow ook in Europa te touren, dat ging helaas mooi niet door. Vijf keer per week lekker dicht bij huis optreden bleek hem zo goed te bevallen dat hij de show liever op Broadway hield. Ook al is Springsteen on Broadway uiteindelijk meerdere keren verlengd en heeft hij 235 keer in het Walter Kerr Theater opgetreden, toch bleef het een super-exclusieve aangelegenheid. Want Springsteen on Broadway was niet goedkoop; ook al was er een sectie met kaartjes vanaf 85 dollar, kaarten op de voorste rijen gingen vaak voor 850 dollar weg - en op de zwarte markt zelfs voor duizenden dollars.

 

 

2) Bruce is en blijft een Baas

Een beetje een inkoppertje, maar ze noemen hem niet voor niets The Boss. Springsteen laat zich ook in een theateromgeving zien als een allround entertainer die je laat lachen en laat dansen, maar die je ook tegelijk ontroert en aan het denken zet. Vooral Bruce de grappenmaker zien we hier nog meer dan bij zijn stadionshows; de levende rocklegende zit vol droge zelfspot, getuige omerkingen als “Ik ben Mister Born To Run maar ik woon nu 10 mijl bij mijn geboorteplek vandaan” of, zoals in het clipje hieronder, “Ik heb nog nooit een gewone maandag-tot vrijdag baan gehad tot nu”.

 

3) Het onderstreept eens te meer het belang van de E-Street Band

Ook al is Springsteen met alleen een akoestische gitaar nog steeds toffer dan de meeste artiesten met hun hele show, toch missen we zijn stampende begeleidingsband. Zo is het toch een beetje als Tom DuMoulin op een logge bakfiets, als Max verstappen op een skelter, of als Tony Stark zonder zijn armour. Nog steeds leuk, maar niet "the real thing". We missen toch die beukende drums van Max Weinberg, die ronkende gitaren van Nils Lofgren en Steve Van Zandt en vooral die moddervette saxofoonsolo's van eerst Clarence en nu Jake Clemons.

4) Het is écht Ben Stiller’s “Just The Stories”

Ook al is komiek Ben Stiller zelf een groot Springsteen-fan, toch weet hij de rocker ook uitstekend te parodiëren. In zijn eigen Ben Stiller Show had hij zelfs een vast onderdeel getiteld Legends of Springsteen waarin hij de mythische verhalen die er over de zanger en zijn live-optredens rondgaan op de hak neemt. Ook wist hij Springsteen’s gewoonte om tussen nummers door lange verhalen te vertellen treffend te persifleren met deze nepreclame voor de DVD-box Just The Stories, met alleen de praatjes tussen de muziek door. Met Springsteen on Broadway haalt de werkelijkheid de grap in, want zeker in het begin gaan de verhalen soms iets te lang door.

 

5) Bruce geeft zich bloot

Nu was Springsteen on Broadway misschien iets mooier geweest met wat meer muziek en wat minder verhalen, toch wordt hij gaandeweg steeds openhartiger. En in het theater komen de anecdotes ook meer aan dan bij een stadionconcert. De stilte in de zaal is te voelen als hij vertelt over hoe zijn moeder alzheimer heeft, of hoe hij een emotionele ontmoeting met Vietnam-veteranen had die hem inspireerde tot het schrijven van Born in the USA.

6) Het is alsnog een beetje zijn MTV Unplugged

In de hoogtijdagen van MTV van begin jaren negentig kwam zowat elke grote rockact wel bij de muziekzender (ja, MTV zond vroeger muziek uit) langs voor een stekkerloze sessie. Toen het de beurt was aan The Boss hield hij het na een paar akoestische nummers wel voor gezien, en besloot hij er een huiskamerconcert met band en al van te maken. Het werd dan ook uitgebracht als MTV Plugged. Wel deed hij later nog een Unplugged-optreden voor het programma VH1 Storytellers, maar dat was vooral ter promotie van zijn album Devils and Dust uit 2005. Springsteen on Broadway is dus het definitieve Unplugged-optreden van The Boss waar hit na hit voorbij komt.

 

7) Het is een fijn zouthoudertje nu Bruce even niet tourt.

Begin december doken er even geruchten op dat Bruce in 2019 weer met zijn E-Street Band op tournee zou gaan. Die geruchten sprak hij al snel tegen met een officieel statement op zijn eigen website: geen tour in 2019. Dus hier moeten we het voorlopig even mee doen.

 

8) Als dit een succes wordt krijgen we wellicht meer muziek op Netflix

Daags voor de release van Springsteen on Broadway maakte Netflix bekend ook met een uitgebreide concertregistratie van Taylor Swift te komen. Het lijkt erop dat de streamingdienst hiermee een nieuwe koers inslaat. Moet ook wel, want om de dreigende concurrentie van Disney+ het hoofd te bieden moet Netlfix opnieuw innoveren. Dit soort concertregistraties zouden wel eens een stap in de goede richting kunnen zijn. Aan Springsteen kan dan misschien niemand tippen, toch hopen we nu al stiekem dat Netflix na Springsteen on Broadway misschien ook Eddie Vedder, Elton John of wie weet zelfs Tom Waits weet te verleiden tot een soortgelijke concertfilm.

 

 

Een overzicht met de Rocky-films gerangschikt naar hoe goed ze zijn, dat is nogal voorspelbaar: natuurlijk komt dan de eerste Rocky bovenaan, gevolgd door de eerste Creed. Daarom hier een lijst met alle 8 Rocky-films gerangschikt naar hoeveel lol we eraan bleven. “Welke is de beste?” is immers een hele andere vraag als “Welke delen zou je nog een keer kijken als ze op tv komen?” Speaking about which, RTL7 gooit er vanaf 20 januari een week lang elke avond een andere Rocky-film doorheen.

8 – Rocky V (1990)

De vijfde Rocky is niet alleen één van de mindere films uit de reeks, het is ook één van de minder vermakelijke films uit de franchise. Onze boksheld belandt voortdurend van de regen in de drup, en daarnaast houdt hij zich hier voornamelijk met coachen bezig. Dat hoeft helemaal niet erg te zijn, maar als zijn naam op de filmposter staat verwacht je hem ook in de ring te zien. Hij mag wegens gezondheidsredenen echter niet meer professioneel boksen.

 

7 – Rocky Balboa (2006)

Toen Sylvester Stallone in 2006 opnieuw terugkeerde in de rol van zijn beroemdste personage, was het een aangenaam weerzien. Toch was er weinig aan deze film wat echt beklijft, wat ons het meest is bijgebleven waren Sly’s rare opgeplakte dan wel opgeschminkte wenkbrauwen die, vooral als je de film in HD kijkt, ontzettend afleiden.

 

6 - Rocky II (1979)

Terwijl er aan het einde van de eerste Rocky er na 15 rondes weinig meer over was van kemphanen Apollo Creed en Rocky Balboa, gaan de heren hier toch voor een rematch. Want de eerste film werd immers zowat de meest winstgevende film ooit gemaakt, dus natuurlijk moest er een vervolg komen. Een vervolg vol bittere rivaliteit, maar wel weer met een stevig eindgevecht.

 

5 – Creed (2015)

Regisseur Ryan Coogler en opkomend acteur Michael B. Jordan reanimeerden in 2015 de Rocky-franchise met deze rauwe film over de zoon van Apollo Creed. Het duo had met het drama Fruitvale Station al laten zien dat ze samen uitstekende dingen konden maken, maar met Creed verrasten ze vriend en vijand. Daarnaast wist Coogler uit Stallone zowat de beste acteerprestatie van zijn hele carrière te persen, wat de ouwe rot zowaar een Oscarnominatie en een Golden Globe opleverde. Het was voor Sly de eerste keer sinds de allereerste Rocky uit 1977 dat hij voor deze prijzen genomineerd was. Wel won hij in de tussenliggende jaren maar liefst tien (10!) Razzie Awards, waaronder ook twee voor Rocky IV.

 

4 – Rocky (1977)

Ja natuurlijk is de eerste Rocky nog steeds de beste, alhoewel de beide Creed-films toch ook bijna net zo goed zijn. Maar daarmee kijkt 'ie nog niet het lekkerst weg, vandaar deze vierde plaats. Deze klassieker won wel mooi Oscars voor Beste Film, Beste Regie en Montage, en was daarnaast nog genomineerd in zeven andere categorieën. En dat allemaal omdat een onbekende acteur net zo lang met zijn script leurde tot er een studio was die bereid was hem de hoofdrol te geven. De rest is geschiedenis.

 

3 - Rocky III (1982)

Nadat ze elkaar twee films tot pulp hebben geslagen zijn Rocky Balboa en Carl Weathers nu ineens goede vrienden. Gezellig! En Apollo wordt nu zelfs de trainer van zijn aartsrivaal, als deze het opneemt tegen de ruige Clubber Lang, gespeeld door niemand minder dan Mr. T. Daarnaast is deze derde Rocky ook nog eens de film waarvoor rockband Survivor die onverslijtbare stamper Eye Of The Tiger heeft geleverd. Bij het eropvolgende deel mochten de rockers trouwens weer meedoen met hun hit Burning Heart maar daarna bleken het toch niet zulke overlevers. Frontman Jimi Jamison kwam later wel weer boven water als zanger van I’ll Be Ready, beter bekend als het Baywatch-theme.

 

2 - Creed II (2018)

De eerste Creed was al uitstekend, maar de tweede doet er nog een flinke schep bovenop en weet zowat alles wat deze franchise zo boeiend maakt in één film te combineren. Loeispannende gevechten? Check. Meeslepend drama? Check. Een angstaanjagende tegenstander? Driedubbel check, want wat is Florean “Big Nasty” Munteanu een engerd. Als je Creed II als vervolg op Creed ziet, dan heb je een meer toegankelijke sequel, die meer een gespierde blockbuster is dan zijn vedergewicht voorganger. Maar Creed II is ook een vervolg op Rocky IV, en in dat aspect is dit een zeldzame sequel die in alle opzichten superieur is aan zijn voorganger.

 

1 - Rocky IV (1985)

Ook al behoort de vierde Rocky-film eigenlijk samen met de vijfde tot de twee lelijke eendjes in een verder uitstekende franchise, het vierde avontuur van meneer Balboa is zo compleet over the top dat het juist weer hartstikke leuk wordt. Stallone besmeurt zonder aarzelen de goede naam van de franchise en stapelt cliché op cliché in een onbeschaamd staaltje “America Fuck Yeah”-propaganda met een tenenkrommend hoog “Jongens dit kan echt niet”-gehalte, en dat maakt van Rocky IV nou juist zo’n guilty pleasure. En dan ook nog Dolph Lundgren in een badass-over the top schurkenrol als de ijskoude Ivan Drago. En een arena vol Russen in Moskou die uiteindelijk allemaal voor Rocky juichen. En Living in America, die geweldige titelsong van James Brown, wat later nog briljant gecoverd is door Weird Al Yankovic als Living with a Hernia. Het kan niet op.

 

 

Naast tal van spannende kwaliteitsseries staat er ook nog genoeg spul op Netflix dat misschien geen verantwoorde kwaliteit van de hoogste plank biedt, maar wel garant staat voor een middagje of avondje onbekommerde lol.  Deze monsterfilms bijvoorbeeld! Gewoon lekker onderuit zitten, verstand op nul zetten en laat het monstergeweld maar losbarsten!

Beyond Skyline

Toen scenarioschrijver Liam O'Donnell in 2010 zag hoe de verfilming van zijn script voor de monsterfilm Skyline wereldwijd werd neergesabeld, leek hij te denken: “Dan doe ik de volgende gewoon zelf”. Het vervolg werd namelijk door O'Donnell geregisseerd. Kritieken waren ook een stuk milder dan bij de eerste het geval was. Ook leuk om te vermelden dat dit de eerste Hollywood-produktie was met een redelijk grote rol voor vechtmachine Iko Uwais uit de Raid-films, en da's ook best wel een monster.
 

 

The Thing (2011)

Het korte verhaal “Who Goes There?” van science fiction schrijver John W. Campbell werd in 1951 voor het eerst verfilmd als The Thing From Another World. John Carpenter’s remake uit 1982, die gewoon The Thing heette, groeide echter uit tot een klassieker, met een heldenrol voor Kurt Russell. In 2011 mocht Nederlander Matthijs van Heijningen Jr. (ja inderdaad de zoon van filmproducent Matthijs van Heijningen) van Hollywood een eigentijdse remake maken met hoofdrollen voor Joel Edgerton en Mary Elizabeth Winstead. Deze was heus niet onaardig, alleen het origineel was gewoon ontzettend veel beter.

 

Cloverfield

Reuze-geheimzinnig deed J.J. Abrams eind 2007 over zijn mysterieuze project Cloverfield. Zelfs de titel mocht aanvankelijk niet vrijgegeven worden, waardoor de film aanvankelijk werd gepromoot als '1-18-08', naar de Amerikaanse releasedatum. Toen deze found footage monsterfilm eindelijk in première ging was de hype al zo gigantisch geworden dat de film zelf deze nog maar net kon rechtvaardigen.

 

De loeispannende spin-off 10 Cloverfield Avenue uit 2016 staat trouwens ook op Netflix, en die is eigenlijk nog veel beter. Aangezien dit meer een thriller is dan een monsterfilm hoort die echter niet in dit lijstje thuis. Over The Cloverfield Paradox kunnen we het maar beter niet meer hebben.
 

Anaconda

Deze lekker foute franchise werd vanaf deel drie pas echt leuk, want toen kwam David “The Hoff” Hasselhoff meedoen. Het onvolprezen Anaconda 3: Offspring staat helaas niet op Netflix, dus moeten we het doen met het eerste deel. Ook niet verkeerd, want hier bestaat de cast uit Jennifer Lopez, Ice Cube en Danny Trejo. De heerlijk neppe special effects doen je afvragen hoe dit ook in de bioscopen terecht is gekomen, en niet gewoon rechtstreeks naar de videotheken is gegaan. Niet alleen sleepte de film zes Razzie nominaties in de wacht, ook bemachtigde Anaconda een felbegeerde plaats op de Razzie-lijst van de ‘100 Most Enjoyably Bad Movies Ever Made’.

 

Tremors

Bij sommige B-films springt de lol er zo duidelijk vanaf dat ze per ongeluk weer serieus goed worden. Zo was dat ook het geval met Tremors, een horrorkomedie over monsters in de grond die een lekker dik aangezette ode aan oude monsterfilms was. Ook het vervolg Tremors 2: Aftershocks is te zien op Netflix.
 

 

Een jaar geleden heeft hoofdrolspeler Kevin Bacon nog meegewerkt aan een pilot-aflevering voor een tv-serie van Tremors, maar hij liet op zijn Instagram teleurgesteld weten dat The Syfy Channel na het zien van deze eerste aflevering toch besloot om niet verder te gaan met de serie.